FIETSOVERSTEKEN

Ondanks dat iedereen uniformiteit nastreeft zijn fietsoversteken er in vele uitvoeringen. Er zijn ook veel keuzes te maken.

   

Als de keuze 'in of uit de voorrang of gelijkwaardig' gemaakt is, moet de vormgeving van de fietsoversteek gekozen worden. 

De richtlijnen voor bebakening en markering geven aan dat wanneer een fietsoversteek in de voorrang zit deze voorzien is van blokmarkering (0,50x0,50) met haaientanden (driehoeksmarkering 0,50x0,50). 

Hierbij maakt het niet uit of de oversteek parallel aan de hoofdrijbaan is of haaks op de hoofdrijbaan.

In de laatste situatie is het natuurlijk de vraag of de situatie geschikt is om fietsers voorrang te geven op het kruisende verkeer. Vuistregel hierbij is dat fietsers bij een oversteek haaks op een gebiedsontsluitingsweg (50 km/u of 80 km/u) géén voorrang krijgen. 

Bij een 30 km/u erftoegangsweg (ETW) hangt de voorrang er vanaf of het een hoofdfietsroute is die de ETW kruist of niet. Zo ja, dan mag de fietser voorrang krijgen. Zo nee, dan is er feitelijk geen sprake van een fietsoversteek, maar van een gelijkwaardig kruispunt.

Wanneer overstekende fietsers géén voorrang hebben, om welke reden dan ook, dan wordt in principe géén markering toegepast. Alleen in uitzonderingssituaties kan er gebruik gemaakt worden van kanalisatie strepen (0,50x0,10). Een dergelijke situatie is bijvoorbeeld wanneer de oversteek opstelvakken bij een VRI kruist of wanneer er scheef moet worden overgestoken.

Kanalisatiestrepen zijn er voor de fietsers. Blokmarkering geeft voor zowel de fietser als ook voor het kruisende (gemotoriseerde) verkeer aan dat er een oversteek is waarbij de fietsers op de oversteek voorrang hebben. Hetgeen juridisch bekrachtigd wordt met de haaientanden en (eventueel) een bord B06.

Start hier de keuze hulp 'in of uit de voorrang' en bekijk voorbeelden van de vormgeving per situatie.

Klik hier voor de keuzehulp: In of uit de voorrang? 

Keuzehulp in of uit de voorrang bibeko of bubeko